Home
Warriors For Health
Wie ben ik?
Geschiedenis
Gezondheidsnieuws
Onderzoeken
Food for Thought
Gezonde voeding
Medicinale Cannabis
Kruiden-Specerijen
Gezonde recepten
Natuurlijk mooi
Natuurwinkel
Nieuwsbrief archief
Boeken en DVD's
Filmpjes
Lezingen
Ander nieuws
links
Contact
Gastenboek
Fotoalbum
Disclaimer

Eten als de oermens voorkomt diabetes.

Eten als een oermens brengt de bloedsuiker- spiegel tot rust.

We eten ons zelf naar de diabetes -2 maar hoe gaat dit in zijn werk?

Niet-erfelijke diabetes kan voorkomen worden als mensen weer gaan eten zoals we deden in de steentijd: fruit, noten, wortelen en vlees of vis. Dat blijkt uit een praktijkstudie in Zweden.

Wetenschappers gaven 14 hartpatiënten, wiens lichaam ook niet meer normaal reageerde op glucose een ‘paleontologisch dieet” dat lijkt op wat de mensen aten 70.000 jaar geleden. Men leefde toen van de jacht en van bessen en wortels die men vond. De mens leefde in kleine familiegroepen. Het was de tijd dat de mens voor het eerst Afrika verliet en begon uit te zwermen over andere gebieden. Uiteindelijk leidde dat tot de verspreiding van de mens over de hele wereld.

In die tijd was er nog geen landbouw, was er nog geen graanverwerking en hield men maar weinig vee. Pas 9.000 jaar geleden werd de landbouw uitgevonden. De jagers annex verzamelaars gingen massaal over op het verbouwen van graan en het eten van zuivel. Er werden steeds betere technieken uitgevonden en steeds grotere steden gesticht. Die ontwikkelingen hebben zich tot op de dag van vandaag voortgezet en nu wonen we in een wereld waarin de helft van de wereldbevolking in een stedelijk omgeving woont en waarin we mateloos vertrouwen hebben in technologische vooruitgang.

 

De tijd gaat vooruit, maar het menselijk lichaam niet

Zijn granen te modern voor het menselijk lichaam?

Ons lichaam is niet zo snel mee -geëvolueerd als onze geest. Waar wij in de laatste 100 jaar een gigantische technische revolutie hebben meegemaakt en ons eten massaal zijn gaan verbouwen èn consumeren (denk aan ruilverkaveling, grote graancombines, verbeterde graansoorten en massa-productie in afgesloten Nederlandse kassen) is ons lichaam nog vrijwel gelijk aan dat van de mens van 10.000 jaar gelden. Van voor de landbouw. En van voor de suiker.

Het menselijk lichaam is ontworpen voor ‘moeilijk’ eten: langzaam verterend vlees, kleine zurige oerappeltjes, noten en rauwe wortels en knollen. En vooral: groenten. Rauw. Voedingsmiddelen die de hele dag door bij elkaar gesprokkeld en gegeten worden en langzaam verteren.

 

Een langzaam, precies systeem

Daarom is ons verteringssysteem zelf ook langzaam: er gaat toch zeker een uur overheen voordat het eten door je maag is. Daarna moet het nog langs lever, galblaas en alvleesklier om dan pas door de dunne darm te gaan die er ook nog van alles mee doet voordat het echte opnemen pas begint. Pas dan kan het bloed voedingsstoffen en energie opnemen. Pas dan stijgt je bloedsuiker, je glucosespiegel. Pas dan heb je insuline nodig om de energie weer van je bloed in je lichaamscellen op te nemen en je bloedsuiker te laten dalen.

 

Een langzaam systeem opjutten

Het hele bloedsuiker- insuline -terugkoppelsysteem van de mens is een langzaam werkend systeem. Het is begrijpelijk dat dit systeem moeite heeft met snelle energie zoals die zit in suiker, modern fruit, witmeel en gekookte wortels en aardappels. Het is tot op zekere hoogte te trainen om sneller te reageren. Dat is ook wat we doen: we voeren onze babies fruithapje en appelsap. Onze kinderen krijgen cola en snoep. En zelf eten we patat met ketchup.
Ons insulinesysteem leert sneller te reageren. Het is weliswaar niet meer zo fijn afgestemd op wat we consumeren maar het reageert wel sneller. Zodra de mond iets zoets proeft maakt de alvleesklier alvast een hoop insuline aan.

Maar toen volgde een nieuwe stap in de chemisch -technologische voortgang: we eten nu dingen die wel zoet proeven maar waar geen energie in zit: kunstmatige zoetstoffen, light-producten, eten dat ’suikervrij’ heet. Daar kan het systeem natuurlijk helemaal niet mee omgaan… ondanks uitgebreide onderzoeken door producenten die beweren dat hun producten geen kwaad kunnen. Waar anderen het vervolgens helemaal niet mee eens zijn.

 

Langzaam eten

Sommige voedingsmiddelen vertragen de opname van energie uit je eten. Volkoren producten kosten meer moeite om te verteren en vertragen daarmee de opname. Vlees ook. Net als vezelige groenten en rauwkost. Deze wetenschap kun je gebruiken om snel opneembare energie (snel opneembare koolhydraten) wat te vertragen.

Iedereen die ’s nachts wakker ligt en maar ligt te malen in zijn hoofd zou eens een praktijktest kunnen uitvoeren en iets volkorens eten voor het slapen gaan. De energie die ’s nachts vrijkomt uit je avondeten + toetje kan dan direct worden gebruikt voor het verteren van die volkoren –boterham –voor –het –slapen -gaan in plaats van dat het suikerrijke bloed door je rustende lijf stroomt en juist dat ene orgaan lastigvalt dat vooral op glucose draait: je hersenen.
(Kijk wel even op het etiket van je brood: in de meeste broden zit tegenwoordig suiker…)

Een maatstaf hoe snel een voedingsmiddel zijn energie vrijgeeft is de glycemische lading. Die laat zien hoeveel snel opneembare energie er in de portie eten op je bord ligt. Bijvoorbeeld: een volkoren cracker heeft 2 x zoveel snel opneembare energie als een plakje roggebrood. Maar dat roggebrood heeft nog steeds 4 x zoveel snel opneembare energie als een stuk watermeloen. Vier stukken watermeloen geven in totaal net zoveel energie als 1 roggebroodje maar laten de bloedsuikerspiegel veel minder steil stijgen, de energie komt gelijkmatiger in je bloed. Er is geen flinke stoot insuline nodig om de piek te bedwingen. Het is rustiger voor je lichaam, het past veel beter bij je natuurlijke systeem.
Bij een heel geleidelijke stijging van de bloedsuikerspiegel, zoals bij energie die wordt geleverd door rauwe groenten of vis, is zelfs helemaal geen insuline nodig

 

Een typische werkdag in jouw lijf

Een typische werkdag van het lichaam van een normaal etende Nederlander ziet er ongeveer uit zoals hierna is beschreven.

 

Het ontbijt zorgt voor een snelle verhoging van de bloedsuiker zodat je naar je werk kunt reizen. Vooral cruesli gycemische ladingt. Deze weten-betes.

-achtige dingen, shakes en fruit zijn favoriet. Alles wat je niet zelf klaarmaakt heeft bovendien suiker of zoetigheid in zich. Kijk maar eens op het etiket.

 

Op je werk neem je ’s ochtends een kopje koffie, misschien met iets erbij, om uit de dip te raken die onvermijdelijk volgt op de bloedsuikerpiek na het ontbijt.

 

De lunch is een broodje: het zijn snel werkende koolhydraten en weer stijgt je bloedsuiker. Iets langzamer dan na het ontbijt want je had vlees als beleg en een appel toe, het kost tijd en energie om alles te verteren. Een paar uur lang wordt de energie gestadig afgegeven aan je lichaam.

 

Rond 16 uur komt hij toch: de dip na de bloedsuikerpiek van de lunch. Snel een koffie of een reep uit de snoepautomaat. Nu heb je genoeg energie om straks naar huis te kunnen rijden.

 

Thuis stort je in vanwege de dip die volgt op je vier -uurtje. De snelle hap die je toen nam zorgde voor een snelle stijging in je bloedsuiker en nu helaas ook voor een snelle daling. Je hebt geen zin meer om te koken en loert naar een snelle fiks. Borrelnootjes? Een wijntje? Uiteindelijk eet je braaf je avondeten en het is dan ook een bord vol. Erna neem je echt even rust om het te laten zakken. Dat mag ook wel, want er zat een hoop bij dat energie vraagt om te verwerken. Vlees, groenten, aardappelen, een sausje en wat te drinken. Plus een toetje. Dat moet allemaal verschillend behandeld worden in je buik dus daar is het nu spitsuur. Uitbuiken en lekker loom zijn. Misschien versterkt met een glas alcohol.

 

Misschien dat je voor het slapen gaan nog wilt eten. Er zit weliswaar genoeg eten in je maag maar de energie daaruit laat nog even op zich wachten, pas vannacht is het vlees verteerd. Je zit nu op de afdaling van de piek die de snelle aardappels, je toetje of de koekjes bij de thee vanavond hebben gegeven. Het lichaam houdt niet van afdalingen, dus het neemt alvast een voorschotje op de dip die het verwacht en zorgt voor een hongergevoel.

 

Je lichaam is de hele dag bezig met de pieken en de dalen opvangen. Een mens zou er moe van worden… Je alvleesklier wordt er ook moe van. Zeker omdat hij steeds harder moet werken voor hetzelfde resultaat.

Dit laatste hebben veel mensen die ‘gewoon’ eten en dat is begrijpelijk. Als je iets eet dat snel verteert, zoals chips of witbrood, dan schiet je bloedsuiker omhoog. Je alvleesklier schrikt zich een hoedje en maakt een heleboel insuline aan, veel te veel, en je bloedsuiker daalt enorm. Je voelt je slap worden, krijgt misschien zelfs trillende handen, en grijpt naar een oppepper. Dat kan een kop koffie zijn of een snack tussendoor, alles om die flauwte maar weg te werken. Je bloedsuiker stijgt weer, je alvleesklier schrikt weer en het kringetje gaat nog een keer rond. Alleen steeds harder want je cellen worden ongevoelig voor de vele insuline in het bloed. Om de cellen toch suiker op te laten nemen moet de alvleesklier per keer steeds méér insuline produceren om de bloedsuiker te doen dalen. Totdat hij uitgeput raakt. Dan heb je suikerziekte, diabetes 2. De alvleesklier is nu stuk en je moet je bloedsuiker op een andere manier doen dalen: je moet insuline gaan spuiten.

 

Steentijd-, mediterraan dieet en diabetes 2

In het onderzoek was nog een tweede groep, die een ‘mediterraan dieet’ kreeg. Ook een heel gezond dieet: veel volkorenpasta en -brood, magere kwark, een heleboel olijfolie, veel groenten en veel fruit. De 15 mensen die in deze groep zaten hadden dezelfde beginklachten als de ’steentijdgroep’. Dus ook problemen met het hart en vaten en een glucosewaarde in het bloed die alle kanten op ging.

Na 12 weken had iedereen in de ’steentijdgroep’ normale bloedsuikerspiegels. De mediterrane groep leed echter na 12 weken nog steeds aan heftige bloedsuikerstijgingen na het eten van koolhydraten, ook al kwamen die vooral van de ‘volkoren granen’. De glycemische lading doet vermoeden hoe dat komt: nog steeds stijgt de bloedsuiker te snel en moet er insuline aan te pas komen om het te doen dalen. De meeste uit deze groep hadden dan ook symptomen van diabetes-2. Dat is de diabetessoort die niet aangeboren is en die door onze ouders ‘ouderdomssuiker’ wordt genoemd.

Tegenwoordig heet het gewoon diabetes-2, want iedereen staat op het punt om het te krijgen: jong èn oud. Iedereen die frisdrank drinkt, suikerspinnen eet, suiker in zijn koffie doet, een reep eet of een toetje bij zijn eten wil. Allemaal hebben we een verziekte bloedsuikerspiegel en een overspannen alvleesklier die van gekkigheid niet meer weet hoe hij genoeg insuline kan maken om die plotselinge toenames van de bloedsuiker te temmen.

Totdat de alvleesklier het helemaal opgeeft en geen insuline meer maakt:

dan heb je diabetes-2, heb je met je eten je lichaam stukgemaakt en moet je voor de rest van je leven insuline inspuiten of slikken om ooit nog te kunnen snoepen.

Granen zijn de basis voor het mediterraan dieet

Het rare was dat de mediterrane groep niet snoepte en toch deze pre –diabetes -symptomen had. Het grote verschil tussen het eten van de twee groepen was echter dat de steentijdgroep vrijwel geen granen of zuivel at en meer fruit dan de mediterrane groep. De studie suggereert dan ook een verband tussen het eten van graan, zuivel en minder fruit en toch nog het behouden van een overspannen alvleesklier.

 

Ouderwets eten zonder calorieën te tellen

Naar aanleiding van zijn onderzoeksresultaten en zijn begrip van de achterliggende systemen merkte Dr. Staffan Lindeberg van Lund University in Zweden op: “Wanneer je diabetes type -2 wilt voorkomen of behandelen kon het wel eens meer lonend zijn om al het moderne eten te vermijden dan om calorieën of koolhydraten te tellen.” Hij heeft het wetenschappelijk uitgelegd en kan het onderbouwen.

 

Granen zijn niet persé iets slechts. Koolhydraten uit granen geven snel energie. Dit weet elke sporter die een bordje spaghetti eet voor een fiets toer of een tennismatch. Het bloed zit vol energie en deze energie wordt meteen door de (spier)cellen gebruikt om een prestatie te leveren. Op deze manier is er geen insuline nodig om de bloedsuikerspiegel te doen dalen.
Het is zelfs zo dat sporten een gunstig effect heeft op de bloedsuikerspiegel. Dit effect duurt nog enkele uren na het sporten en zorgt ervoor dat het lichaam minder insuline nodig heeft.

 

Maar wie niet direct gaat sporten na het eten, maakt dat zijn lichaam zelf de vrijkomende energie in goede banen leidt. Daarvoor is insuline nodig en bovendien een opslagplaats voor de energie die niet gebruikt wordt. Er is voor 300 gram opslagcapaciteit in de lever en in de spiercellen. Daarenboven wordt glucose opgeslagen in vet. Vetcellen kunnen eindeloos worden bijgemaakt door het lichaam.

Als er eens een vetcel wordt leeggemaakt om de energie te gebruiken blijft die vetcel als ‘een leeg zakje’ achter wat bij een volgende keer snel weer kan worden gevuld. Daarom kom je makkelijker aan nadat je bent afgevallen: de vetzakjes zijn alleen maar leeg, ze zijn niet weg.

 

Er is één studie die onomstotelijk aantoont dat het eten van veel koolhydraten niet perse nodig is om te leven: als muizen en ratten 30% minder koolhydraten krijgen dan ze eigenlijk nodig hebben (en ze dus gewoon honger lijden) blijven ze anderhalf keer zo lang leven dan normaal.

 

Er is dan ook een extreme groep menselijke fanatici die zichzelf zoveel mogelijk koolhydraten ontzegt om zo langer te leven. Pessimisten zeggen dat die mensen niet echt langer leven maar dat het veel langer lijkt, omdat het zo’n saai leven is zonder lekker eten.

 

Wat wel vaststaat is dat deze groep mensen, nu ook onderdeel van een bonafide onderzoek genaamd Calerie, allemaal de hartconditie van jonge goden hebben. Dankzij de goede vetten die ze veel eten.

 

Dit komt overeen met wat dr. Lindeberg en zijn team vonden in eerdere onderzoeken. Daarbij bleek dat leden van de Kitavastam op de Trobriand-eilanden van Papua Nieuw Guinea geen hart- of vaatziekten noch diabetes kennen. Het eten zoals wij dat gedurende de laatste 9.000 jaar zijn gaan eten is niet beschikbaar op de eilanden: de stam leeft nog als jager-verzamelaars….

 

De keerzijde van het ouderwets eten

Aan de andere kant… als we niet graan waren gaan verbouwen hadden we ook niet voldoende compacte energie te eten gehad om tijd over te hebben voor cultuur, steden, oorlogsvoering, filosofie en internet. Als mensheid hebben we er dus wel wat aan gehad, maar als individueel mens is het een ander verhaal. Zeker als je bedenkt dat het eten wat je nu op je bord vindt héél modern is, gezien door de ogen van je lichaam. Het is pas enkele decennia dat massaal graan, suiker en soja wordt verbouwd. De aardappel kennen we pas 400 jaar. Kunstmatige zoetstoffen zijn helemaal nieuw en bron van politiek-economisch gekonkel en complottheorieën.

 

Goede vetten om te eten

Let op!

Voordat u uw levensstijl omgooit: ER IS NIETS ZEKER in de voedingswetenschap. Het is pas 20 jaar geleden dat vet de grote boosdoener was en vermeden moest worden. Momenteel is vet weer toegestaan als het geen transvet, geen gehard plantaardig vet, niet aangebakken en niet oud is en niet van een varken komt en ga zo maar door.

Nu is suiker de grote boosdoener, samen met alles wat ’suiker -gerelateerd’ is, zoals witbrood, witmeel, pasta, zoetjes, chips, sausjes en aardappels. Gebruik uw verstand en probeer eerst de systemen die meespelen te begrijpen voordat u drastische maatregelen neemt.

 

Zin in een toetje?

Als we iets eten komt de energie daarvan via onze darmen in het bloed terecht. Het bloed brengt het naar de cellen. Maar de cellen houden hun celwanden gesloten tenzij ze een bericht krijgen dat ze open moeten. Dit bericht komt van het hormoon insuline. Als je iets eet, wordt er daarom insuline aangemaakt. Omdat het lichaam gebouwd is voor die langzame voedingsmiddelen duurt het ongeveer 2 uur nadat het eten je mond gepasseerd is voordat het hormoon de cellen bereikt. Je eten moet immers nog helemaal door de maag en dunne darm heen.
Het probleem van iedereen die nu leeft is dat we voedsel eten dat vrijwel direct energie vrijgeeft. Suiker, zoetstof, witmeel, fruitsap: het kost geen 2 uur om de energie ervan in ons bloed te krijgen. Ons lichaam is getraind sinds je geboorte en heeft zichzelf aangewend om een lading insuline in het bloed te storten zodra je mond iets zoets proeft. Dat verklaart waarom je vlak na het eten zin hebt in wat lekkers, in een toetje. Je lichaamscellen staan al open door de insuline, maar je darmen hebben nog niets ontvangen uit de maag. Iedereen die zin heeft in een toetje na het avondeten heeft een ontregelde insulineproductie, een aandoening die hypoglycemie heet.
Het maakt dan ook niet meer uit of je ‘echte’ suiker eet of zoetstoffen zonder calorieën: je mond proeft iets zoets en de lading insuline gaat los.

 

Eten zonder insuline

Dr. Bernstein heeft een dieet uitgevogeld voor diabetici (mensen die zelf geen insuline aanmaken) waarbij ze helemaal géén insuline hoeven te spuiten. Dit dieet geeft ook het lichaam van mensen met een overspannen alvleesklier rust omdat het de bloedsuiker niet drastisch laat stijgen of dalen. Het bestaat uit vooral (rauwe) groenten, noten en vis (sashimi). Verder: vlees, eieren, kaas, boter en yoghurt voor de eiwitten. En zoveel vet als je wilt want vet roept geen insulinereactie op en van vet wordt je niet dik, vreemd genoeg. Door 3 of 4 keer dag een klein beetje te eten heb je de hele dag door energie maar nooit een plotselinge stijging van de bloedsuikerspiegel. Het vet geeft een verzadigd gevoel waardoor je geen honger hebt. De goede vetten zijn kokosvet, olijfolie en vette vis

 

Lekker en gezond: noten

Als u echter vandaag al iets wilt doen om uw lichaam te ontzien neem dan gewoon de helft van wat u anders had genomen aan modern eten zoals koffie, snacks, graan en aardappels. Neem eens een handje ongezouten nootjes in plaats van iets anders lekkers.

En nee, pinda’s zijn geen nootjes.

Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de auteur: Xenia Bakker

Link: http://sync.nl/eten-als-een-oermens-voorkomt-diabetes/

 

"We moeten weer gaan eten zoals de oermens at"

Eten zoals onze verre voorouders – geen granen en geen zuivel – is gezond, voorkomt welvaartsziekten én je slankt ervan af.

Vergeet het Atkinsdieet, Montignac of Sonja Bakker. Eten zoals onze voorouders, het paleodieet, dát is het helemaal. En de basis van de oerdis ligt, anders dan bij de laatste dieethypes, in serieus wetenschappelijk onderzoek.

Onze genen zijn nog nagenoeg hetzelfde als die van onze voorouders 15.000 jaar geleden. Ze zijn niet afgestemd op verwerkt voedsel met veel vetten en zout, en ook niet op melk en zuivel, die pas werden geïntroduceerd met de komst van de landbouw.

We moeten weer pure producten gaan eten; knollen, eieren, vruchten, zaden, vis en vlees. Verschillende studies wijzen op positieve resultaten van het paleodieet voor gewicht, bloeddruk, cholesterolgehalte en bloedsuikerspiegel.

Bron: Eos

 

Neanderthaler kookte zijn eten

 

De Neanderthaler, die zo'n honderdduizend jaren geleden leefde, kookte zijn eten zoals de moderne mens. Dat blijkt uit een studie die gepubliceerd werd in het Amerikaanse Proceedings of the National Academy of Sciences. Tot nu toe werd aangenomen dat de Neanderthaler enkel vlees at, maar ook dat wordt door de studie tegengesproken. Opmerkelijk: de analyse werd uitgevoerd op basis van archeologisch materiaal afkomstig uit België en Irak.

De Neanderthaler leefde zowel in Europa als in het Midden-Oosten. Zo'n 30.000 jaar geleden raakte de soort uitgestorven, en over de reden daarvoor wordt nog steeds gedebatteerd.

Vlees
Eén van de hypothesen is dat ze uitstierf omdat de Neanderthalers enkel vlees aten, en op een bepaald moment dus minder voedsel ter beschikking hadden toen de mammoeten minder talrijk werden. De homo sapiens zou beter in staat zijn geweest zich aan te passen aan zijn omgeving, door het eten van groenten, vis en zeevruchten, afhankelijk van zijn woonplaats.
 
Vuur
Maar uit de studie, waarbij onder meer de fossiele tanden van Neanderthalers werden onderzocht, blijkt dat ze wel degelijk groenten aten. Ook werd hun voedsel gekookt, hetgeen veronderstelt dat ze vuur konden maken. (ats/sam)

Bron: De morgen



Top
©Warriors For Health - FreePeopleAgency  | lizzy@warriorsforhealth.com